zondag 3 maart 2019

Brieffragment


[..]Half in de ochtend ben ik naar het Mallebos gereden. Ik heb geen filmcamera, dus stel je het volgende verhaal voor alsof het een film is.


Een wandelaar met fiets aan de hand en kijker om de nek kuiert oplettend over een bospad in het nagenoeg door mensen verlaten bos. Boven de kale bomen hangt zwaar de half bewolkte lucht. Dan staat de man stil, pakt zijn kijker en brengt die langzaam naar zijn ogen. Voor hem, op 75 meter afstand staat een reebok die, zo lijkt het, de man aanstaart. Op het moment dat de ree verder gaat met grazen, zet de man behoedzaam enkele passen naar voren en richt zijn kijker opnieuw. En weer lijken de twee elkaar aan te staren. Dit tafereel herhaalt zich nog tweemaal. Dan stapt de bok, hij is dicht benaderd, naar het midden van het pad. De man blijft rustig staan, waarop de ree begint te brullen. Na drie keer brullen, de man lijkt in verhulde extase, verdwijnt de reebok tussen de bomen.


Het zal duidelijk zijn dat ik de gelukkige was. Dit is de eerste keer dat ik iets dergelijks meemaak. Bijzonder. [..]

donderdag 28 februari 2019

Brief aan een vriend


Beste vriend,

Vanochtend ben ik naar de Beninger geweest. Nadat ik vest en jas had aangedaan, de rugzak - waaraan mijn stoeltje bungelde - omgehangen en het statief, nog ingeklapt, op mijn schouder gelegd, nam ik stoer de trap. Bovenop de dijk werd ik direct getrakteerd op een drietal kemphanen; prachtig die bonte ruggen en geeloranje poten. Even verderop overviel het mij opeens, voortgebracht door de stilte en de zon die het haast rimpelloze water schakeerde in licht en donker, zoals een zwerm kieviten in de lucht; een ultiem geluksmoment. Op zo’n moment valt alles samen. Als ik terplekke op zou lossen was het goed geweest. Zo'n gevoel moet je niet vast willen houden, want dan verdwijnt het voor je er erg in hebt. Beter is het om het los te laten, net doen of je het niet merkt, het blijft dan langer hangen. Om het feit te vieren haalde ik Stanley tevoorschijn en genoot van een lekker bakkie koffie. Het was het landschap en mijn goede gevoel waar ik van genoot. Uiteindelijk werd mijn rust 'verstoord' door twee mensen. Eerst was daar een jongen van plusminus 17 jaar uit Spijkenisse, die pas anderhalf jaar vogelde. Ik heb hem wegwijs gemaakt, van wat gebiedjes in de buurt. Van vogels wist hij al het een en ander. Niet veel later kwam een man van onze leeftijd met hondje mij tegemoet. Hij knoopte een praatje aan, maar ondanks het feit dat hij erg enthousiast was, smolt mijn goede gevoel als sneeuw voor de zon. Wat een harde stem had die kerel. Ik kan mij jouw verhaal nog herinneren van toen jij viste.  Je werd aangesproken op je stekkie en dacht, rot op ... loop door ... godver. Zo erg was het nog net niet, maar lastig was het wel. Het goede gevoel was verdwenen en kwam pas langzaam terug toen ik op mijn stoeltje genoot van mijn boterhammen en een nieuwsgierige graspieper die beetje bij beetje dichterbij kwam. Wat een prachtig vogeltje is dat zeg. Zo door de zon beschenen leken zijn breekbare pootjes wel van glas. Roofpieten en reeën lieten het afweten deze ochtend, maar verder wat een dag ... Ik zal hem niet snel vergeten.

Groet,

Tino

woensdag 6 februari 2019

In the Spotlight


Nadat ik in 2012 het boek Ongewoon Gewoon had geschreven, mocht ik het presenteren in de bibliotheek van Middelharnis. Ik zou dan, samen met de hoofdpersoon uit het boek, vertellen over het schrijfproces en vragen beantwoorden van het publiek, dat vast en zeker uit alle windstreken zou toestromen. Dat laatste viel tegen. Later die week werd ik ook geïnterviewd door een medewerker van Radio Rijnmond. Natuurlijk had ik mij degelijk voorbereid op beide gebeurtenissen. Toch kwam ik niet goed beslagen ten ijs. Ik gleed daardoor diverse malen uit en het gevoel dat ik overhield was bepaald niet senang. Dit nooit meer dacht ik. Echter mijn karakter dwingt mij vaak om het toch opnieuw te proberen.

Nu, na het voordragen van onder andere gedichten in literaire cafés en het geven van excursies in de natuur, sta ik steviger in mijn schoenen. Onlangs mocht ik aan een reporter van Radio Rijnmond op locatie iets vertellen over de Beninger Slikken. Een natuurgebied langs het Haringvliet. Op 16 februari ga ik daar een excursie begeleiden met roofvogels als aandachtspunt. Ik had mij goed voorbereid, zoals: Feiten verzamelen en die op een rijtje zetten, mogelijke vragen verzinnen enzovoorts. Weet je wat, dacht ik, ik geef de reporter gewoon een excursie. Ik vertel wat over het gebied en beantwoord tussendoor haar vragen, het is tenslotte ‘mijn’ terrein. Alles liep op rolletjes, al blijft het vreemd om een microfoon onder je neus geduwd te krijgen. En opeens kwam er een niet verwachtte vraag en even was ik van slag. De vraag had betrekking op mijzelf, wie is Tino van Kampen, en wat doet hij zoal in het dagelijks leven. Normaal heb ik geen moeite met het beantwoorden van die vraag, maar nu zomaar vanuit het niets ad hoc in een interview …

Op mijn vraag na afloop of alles goed was verlopen, antwoordde de reporter dat het oké was. En toch knaagt het. Het blijft spannend om jezelf terug te horen. Ik ben benieuwd.  

Zaterdag 16 februari wordt het interview uitgezonden om 8.00uur op Radio Rijnmond bij Chris Natuurlijk, een programma van Chris Vemer. Luistert u mee? Later is het interview ook te beluisteren via een podcast. Voor de geïnteresseerden even googelen dus. Diezelfde dag is er in de Beniger een excursie, aanvang 10.30 uur. U kunt zich nog opgeven op de site van Natuur Monumenten, daar vind u ook verdere informatie.   


maandag 4 februari 2019

Bootstrijd


Bootstrijd

Er hangt een geladen sfeer wanneer zij bij het avondeten de week

doornemen. Buiten jagen grauwe wolken over de akkers.

 ‘Ik moet dit niet doen. Telkens loop ik ertegenaan. Ik kan niet
klussen en wil niet klussen. Bovendien is het jouw hobby en niet
de mijne,’ zegt hij gedecideerd.

 ‘Je kan het best. Je wilt het niet. Je zegt het zelf. Je wilt alleen de
lusten en niet de lasten. Egoïst,’ reageert zij vilein.

 ‘Egoïst? Moet je horen wie het zegt … Godverdomme. Jij liep
al tijden over die boot te ouwehoeren. Ik zag al het werk dat het
meebracht, maar toch zett e je door. Als puntje bij paaltje komt
ben ik de lul en kan ik die teringboot opknappen.’

 ‘Ga maar weer vloeken en schelden. Je krijgt van mij alle vrijheid
om te doen en laten wat je wilt. Die boot is het enige wat ik heb
verdorie. Een klein beetje interesse en hulp is toch niet te veel
gevraagd?’

 ‘Interesse,’ gilt hij met overslaande stem. ‘Heb jij je ooit echt in
mijn hobby’s verdiept? Sterker je vindt het maar niets … Maar
weet je wat het is? Telkens stoot ik mijn kop aan jouw ideeën. Ik
word er strontz iek van.’

Buiten is het donker. Een bliksemschicht doorklieft de lucht.
Na een donderslag valt er in huis een stilte die langzaam gevuld
wordt met wederzijds begrip. Een glimlach dekt de lading.


Deze dialoog is opgenomen in de bundel Pennen met mosterd.
De beste inzendingen zijn hierin opgenomen. De dialoog moest aan verschillende voorwaarden voldoen, o.a. 75% moest gesproken tekst zijn.

dinsdag 22 januari 2019

Kinderuitspraken, daar wordt je vrolijk van


Vandaag de dag wordt de burger overspoeld met zelfhulpboeken als alternatief voor een bezoek aan een therapeut. Die dan weer een optie is voor ‘hulp’ die je van het leven zelf kan krijgen. Wat te denken van een onbevangen observatie. Dan spreekt mijn ervaring en mijn gevoel zonder enig oordeel.

Nog niet zolang geleden, reed ik op een verregende zondagmiddag met de Metro naar Rotterdam. Op een station stapte een moeder met kleuter in. Gezellig waren zij op het bankje achter mij aan het kletsen.

‘Mamma koop je vanmiddag oorlippenstift?

Ik moest lachen en keek achterom. Ook de moeder kon een lach niet onderdrukken en antwoordde dat oorlippenstift niet bestond. Het meisje had door het gure weer eerder die week schrale lippen gekregen. De remedie daartegen was lippenbalsem in de vorm van lipstick. Nu had het meisje oorpijn en in haar beleving zou oorlippenstift daar best eens tegen kunnen helpen. Ik praatte nog even met het meisje en haar eerder beteuterde gezichtje ontdooide langzaam in ondeugend.

Afgelopen zondag was het dan eindelijk een zonnige dag. Vergezeld van een lichte vorst liepen mijn vrouw en ik door de duinen van Westenschouwen. Na afloop gingen wij voor een late lunch een Brasserie binnen. Niet veel later kwam een vader met twee kleine kinderen het vertrek binnen. Het jongetje was moe en verveeld.

‘Zo’, zei de vader blijmoedig. ‘Ik zal zo lekkere bitterballen voor ons bestellen’.
‘Wat zijn dat?’, vroeg de kleine jongen.
Waarop zijn zus, wijs zei: ‘Dat zijn soesjes, maar dan warm’.
‘Ik lust geen soesjes’, zei het jongetje sacherijnig.

In beide taferelen vertelde het verhaal zichzelf. Ik hoefde eigenlijk alleen maar te kijken en te ervaren. De vrolijke gevoelens kwamen als vanzelf. 





zaterdag 19 januari 2019

Rengay

Hieronder een rengay. Dat is een Japans kettingvers waarin de 4 seizoenen voorkomen. Tevens kan het ook een maanlied zijn als de maan genoemd wordt. De vorm een haiku en een tweeregelige reactie daarop gevolgd door opnieuw een haiku. Normaliter wordt hij door meerdere personen geschreven als een literair spel, ik koos ervoor om hem in mijn uppie te schrijven.

over het bestaan
hangt drukkend het donker
verdrongen dagmaan
de mens kijkt ziende blind
het zal zo’n vaart niet lopen
de duif bouwt zijn nest
in ontluikend struikgewas
het voorjaar dringt aan
nog een laatste stuiptrekking
dan dooit de koude koning
lente fleurt in kleur
jong leven in de weide
de hemel geklaard
lekker weertje roept men
elkaar opgewekt toe
over stad en land
hangt drukkend de hitte
kleur en vrucht verdort
bij de oude eiken hijgt
een kudde schapen loom uit
nazomer vervaagt
een mogelijke herfst
het jaar is haast rond
het land ligt braak te wachten
de mens bezint zijn bestaan