Over de
toekomst
De
toekomst wordt niet eenvoudigweg bepaald door wat al vaststaat, maar door een
veld van mogelijkheden. Dat veld is echter nooit volledig te overzien. Er
kunnen zich gebeurtenissen voordoen die binnen onze huidige voorstelling nog
geen plaats hebben. Elke verbeelding van de toekomst blijft daarom voorlopig en
speculatief. Neem de prei uit het vorige blog: iedere gedachte over hoe de
stronken later kunnen worden aangetroffen, is niet meer dan een mogelijkheid
binnen het perspectief van nu.
De
tijd, en daarmee ook de toekomst, is geen gesloten systeem zoals de klok ons
doet vermoeden. Op een klok lijkt tijd te bestaan uit gelijke, meetbare
eenheden: een minuut is een minuut. Maar geleefde tijd laat iets anders zien.
Momenten staan niet los naast elkaar; zij vloeien in elkaar over en krijgen
betekenis door wat eraan voorafgaat en erop volgt. Dat merken we in de
ervaring: een minuut kan kort lijken, maar ook eindeloos duren.
Een
werkelijke voorstelling van de toekomst is pas mogelijk wanneer zij ophoudt
toekomst te zijn en zich als heden aandient. Pas achteraf wordt zichtbaar welke
mogelijkheden daadwerkelijk openlagen. In die zin bestaat het mogelijke niet
als volledig kenbare werkelijkheid vóór ons, maar verschijnt het in het
spiegelbeeld van het heden in het verleden. De toekomst is daarom niet
simpelweg te voorspellen: zij ontstaat in de overgang van mogelijkheid naar
werkelijkheid.