zaterdag 31 december 2022

Een nieuw begin

Zo nu en dan deed ik mee aan een schrijfwedstrijd. Meer voor de leut en inspiratie dan voor de winst. Bovendien kreeg en krijg je professioneel feedback wat mij inspireerde en verbeterde.

De titel van een wedstrijd in december luidt: Een nieuw beging. En misschien ben ik die na mijn ongeluk, herstelperiode en revalidatie wel opnieuw begonnen. Toch wil ik het geen ‘nieuw begin’ noemen, maar een herstart. Dat wil zeggen: Verder gaan met waar je was. Al klopt ook dat niet. Veel moet ik opnieuw leren. Zoals: praten, slikken en optimaal bewegen.

Met praten gaat het beter. Afhankelijk van verkoudheid, schorheid of moeheid. Dat laatste plaagt mij ook tijdens het slikken. Moeheid maakt slikspieren minder krachtig. Ook de articulatie als ik praat is wel eens een stoorzender. Evenzo het soepel bewegen.

Toch zou je over ‘anders’ verdergaan/beginnen kunnen spreken. Ogenschijnlijk simpele en gewone dingen worden meer bijzonder en daarom geniet ik er meer en anders van dan voorheen. Een simpel vogeltje, een groenling bijvoorbeeld, wordt meer bijzonder qua uiterlijk en gedrag dan voorheen. Maar ook een alledaags gesprek met een medemens geeft mij energie en een boost.

Moeten we dan toch over een nieuw begin hebben? Begin 2023 dan graag. Het beste voor een ieder in dat jaar. En met veel genoegen tot ziens en lezens!        

maandag 26 december 2022

Kerst in 110 woorden

Wat een vreemde kerst. Ik minder valide en José, snipverkouden. Geen kinderen en kleinkinderen op bezoek dus, al gaat het met mijn vrouw al beter. Omdat het kerst is, probeer ik meer te genieten van lekker eten en versnaperingen. Minder sondevoeding dus. Het lukt! Volop genieten van wat wel lukt. Wat doe ik nog meer?

Lezen en wandelen. Vanochtend ben ik door twee plantsoenen en de wijk gewandeld. Ik geniet dan van de omgeving en het moois daarin. Vanmiddag ga ik met José het park in. Daar te zijn is al een hoogtepunt. Zo plak ik al het moois aan elkaar. Mindere dingen overdenk ik en zet ik even opzij.    


dinsdag 20 december 2022

Wel en wee

Ik ben dus weer thuis na mijn verblijf in het Rijndam. Alle vermoeidheid en verborgen spanning komt eruit. Rijndam was intensief, maar optimaal. Alles wat mogelijk is, fysiek en mentaal, wordt er daar uitgehaald. Met als resultaat dat je naar huis kunt wanneer mogelijk. Hulde!

Naar huis rijden ging met Jose als chauffeur oké, alleen het laatste stukje niet. Gladheid bleek een spelbreker. Thuis was en is het wennen. Je bent er toch een tijd niet langdurig geweest. Samen met Jose ben ik op zorg aangewezen en dat is een hele andere organisatie dan normaal. Ik ben tenslotte, in zekere mate, gehandicapt en heb extra zorg nodig.

Ik heb inmiddels in mijn uppie een boodschap gedaan. Door het plantsoen naar de Akkerhof. Mogelijk gladde weggedeeltes, verkeer en stoplichten bleken energie te verslinden. Maar ook de winkel zelf. Mandje zoeken, boodschappen vinden en minder om zich heen kijkende klanten maakte het moeilijk. Opletten dus! het kost allemaal energie.

Terug liep ik een klein stukje anders om even de polder in te kijken. Ik kwam een bekende tegen en maakte een praatje. Moe kwam ik thuis. Na het eten kreeg ik de tip van Jose om vroeg naar bed te gaan. Ze had gelijk. Na tien uurtjes slapen en dommelen was ik kwik en fit. Die dag ben ik maar binnen gebleven in verband met de gladheid. Elke visite waarschuwde mij daarvoor. Waren de waarschuwingen er maar eerder geweest. Een dag eerder was ik namelijk ten val gekomen in de ijzel. Gelukkig is het goed afgelopen. Ziekenhuisbezoek bracht geen zwaar letsel aan het licht.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

       

zondag 11 december 2022

Herstel en geduld

Het herstel dat ik doormaak na mijn ongeluk duurt lang. Dus geduld is nodig. Ik kon weinig meer. Niet meer lopen, moeilijk praten en nauwelijks slikken. Om te herstellen is geduld, een positieve instelling en aandacht nodig. Ook van mensen om je heen. Gelukkig zijn al die facetten aanwezig.

Dit weekeinde 10 en 11 december ben ik, gelukkig thuis. Naast mijn sondevoeding drink ik o.a. verdikte koffie. Een feest 😉. Ook ben ik met Jose, mijn vrouw, boodschappen gaan doen. Dit met een solo wandeling door de wijk en hier en daar een gesprek met een bekende maakt een dag compleet. Het zijn juist die alledaagse en simpele dingen die mijn dag en leven op het ogenblik verrijken. Dat doet positief vooruitzien en maakt het leven en herstel draagbaarder.

Zo sprak ik laats onder een wandeling met een kauw. Hij boog zijn kopje, hipte opzij en zag dat ik geen kwaad in de zin had. Rustig ging hij door met wroeten onder het bladerdek. Op zoek naar iets lekkers. Dat simpele waar je anders wellicht aan voorbij loopt, maakt mij blij. Blijdschap en geduld maken mijn toch gehandicapte leven dragelijk.

Come on Bill  – de lijfspreuk van mijn reeds overleden vader was en is ook aan mij gericht.

Thanks 😊   

zaterdag 3 december 2022

Een ongeluk

Begin september, het was behoorlijk warm zodat ik besloot om niet naar Tiengemeten te gaan maar een rondje op mijn racefiets te gaan rijden, trof een aanrijding mij. Ter hoogte van Vierpolders schepte een auto mij vanachteren. Ik vloog over de voorruit en het dak. Een helm was mijn redding.  

Ik werd per ambulance naar het Erasmus ziekenhuis vervoerd waar ik een week in coma heb gelegen. Langzaam kwam ik bij en na nog eens twee weken werd ik met o.a. hersenletsel  verplaatst naar het Maasstad ziekenhuis. Daar werd een longontsteking geconstateerd. Het herstel nam ruim zeven weken in beslag. Ik was matig aanspreekbaar en kwam zelf nauwelijks uit mij woorden. Toen ik enigszins bijkwam, probeerde ik uit bed te ontsnappen. Wat mij op een aantal fikse valpartijen kwam te staan. Ik werd verplaatst naar een kamer waar om mijn bed een gazen kooi van textiel was geplaatst, zodat ik geketend was in mij bed. Pas daarna werd ik naar een eenpersoonskamer verplaatst en knapte ik echt op. Ik moest leren lopen, handen gebruiken, eten enz. alles ging redelijk tot goed vooruit, behalve het slikken. Een onderzoek wees uit dat het cognitief goed zat, maar dat de slikkracht en de techniek niet goed waren.

Omdat mijn inzet en vorderingen oké waren, mocht ik naar het Rijndam, een gespecialiseerde instelling in revalidatie. Ook daar maak ik vorderingen. Over twee weken zwaai ik af naar het medisch centrum Spijkenisse. Blijft het slikprobleem. Maar ik ga hier ook mee vooruit. Het zal dus goed komen, maar heeft zijn tijd nodig.

Ik ben nu het tweede weekeind thuis. Herontdek de buurt en probeer nog meer te herstellen. Ik sta er gelukkig niet alleen voor. Mijn vrouw, kinderen, familie , vrienden en bekenden, hebben allen aandacht en steken mij een hart onder de riem. Dank daarvoor. Ik ga het mede daardoor vast redden. In mijn volgende blogs meer over het herstel.       

  

vrijdag 2 september 2022

Roet in het eten

Onlangs had ik afgesproken met mijn vogelvriend Peter. Wij zouden een koppeltje boomvalken gaan observeren. Een regenbui gooide roet in het eten. Het leek mij een goed idee om dat moment in vijfenvijftig woorden te beschrijven. Zie de alinea hieronder. 

‘We houden het niet droog’, zegt de een.
‘Ik denk het ook niet’, zegt de ander.
Niet veel later trekt er een gordijn van regen voorbij.
Het sluit zich om de schuilende twee, het dorp en de vijf windmolens, die nog nauwelijks te zien zijn.

Na de bui gaan wij alsnog bij de valken op kraamvisite. In een hoogspanningsmast brengen zij twee jongen groot. De witte donzige kopjes van net een week oud zijn nauwelijks te zien. Moeder lijkt hen prooiresten te voeren. Vader fatsoeneert hoog in de mast zijn verenpak. Dit is van levensbelang voor de boomvalk. Een perfect onderhouden verenpak is noodzakelijk voor een geslaagde jacht en een mogelijke ontsnappingsvlucht aan een grotere roofvogel; een slechtvalk of havik bijvoorbeeld.

Als pa is opgedroogd maakt hij zich klaar voor de jacht. Wij volgen de vogel totdat hij uit het zicht verdwenen is. Het kan wel een uur of langer duren voordat hij terugkeert. Dit keer hebben wij daar geen zin in en fietsen verder.
‘Ik zou wel weer eens een gele kwikstaart willen zien’, zegt Peter. Hij wordt op zijn wenken bediend. Niet één, maar twee kwikken steken fel geel af in het groene aardappelloof. Boven het bijna rijpe graan zweeft een bruine kiekendief. Verder komen wij weinig opzienbarends tegen tijdens onze tocht. ‘Laten wij maar langzaam op huis aangaan. Volgende keer beter’.

Vooralsnog is dat er niet van gekomen. Twee dagen na de beschreven fietstocht gooit een appje van Peter roet in het eten. ‘Ik lig weer in het ziekenhuis’, schrijft hij. Hartritmestoornissen. En dit keer is het levensbedreigend. Terwijl ik dit stukje schrijf, verblijft Peter al een week in het ziekenhuis en wacht hij op vele onderzoeken. Onzekere en spannende tijden dus. Daar gaan onze plannen en wat erger is, weer staat zijn leven op z’n kop. 

Ik zal voorlopig alleen moeten gaan vogelen. Het wonderlijke is, en Peter en ik hebben dat beiden als wij in ons uppie vogelen, dat de ander er toch is. Wij praten dan tegen elkaar in gedachten of hardop. 

‘Gaat daar nou geen visarend’?
‘Zou kunnen, ze worden vast al gezien en anders zijn wij de eersten’.

‘Verrek joh, hij heeft een prooi in zijn klauwen hangen’.

In mijn verbeelding kijk ik hem lachend aan en maak een high five.

Voor  een foto van een visarend zie de blog van Peter: Visarend