donderdag 11 december 2014

In licht en schaduw



Nadat hij de mantra’s heeft gereciteerd en de nieuwe dag begroet, loopt hij behoedzaam de zoldertrap af naar beneden. Op de overloop sluit hij de deur achter zich. Dan daalt hij de trap af naar de begane grond. In de keuken strijkt hij een lucifer langs de ruwe zijkant van het doosje. De vlam daaraan ontstoken vindt zijn weg naar het aardgas dat zacht uit het fornuis ruist. Met een plofje vormt zich een blauwe krans van vuur om de gaspit.


ochtendritueel
gas en zwavel mengen zich
geursensatie


Met een mok thee in zijn hand loopt hij naar zijn werkplek. Nog voor hij achter het beeldscherm van zijn computer plaatsneemt staart hij door het raam naar buiten. Het beeld van de fraaie zonsopgang van enige dagen geleden zal hij door de dichte bewolking dit keer niet kunnen bewonderen. Dan pakt hij een potlood en papier en schrijft als in een trance.


de eenzaamheid liefhebben
en toch ook de mensen
met hun eindeloze verhalen*



* De laatste strofe is afkomstig van een gedicht uit de bundel ‘in licht en schaduw’ van Niels Snoek

 



dinsdag 2 december 2014

haibun



Met de dood van de zwarte jongen in gedachten, rijd ik langs de kille rivier. De kogels drongen één voor één zijn onschuldige lichaam binnen. Dit alleen omdat hij met een speelgoedwapen zwaaide.

Guns for free
om jezelf te beschermen
tegen fictief gevaar

De beelden vervagen als ik later, gevangen door immense stilte, in een bos geluk ervaar. Langs het pad, verborgen tussen gevallen beukenblad, ligt een bemoste stam. Tientallen gele steeltjes en hoedjes schieten tussen het groene mos omhoog. Een warme gloed doortrekt mijn lichaam. De ijzige kilte van het benevelde landschap eerder, is teniet gedaan.

eerste nachtvorst
bevroren dauw – aura
om groene naalden

woensdag 12 november 2014

herfsthaiku







zonsopkomst - strepen
van condens roze verlicht
op het vensterglas
  


Foto van Niels Snoek

woensdag 22 oktober 2014

Bonenplukkers



In de scherpe bocht op de Westdijk parkeren wij de auto. Vanaf hier kun je het grootste deel van de Korendijkse Slikken zien liggen. Deze zondag belooft een van de mooiste van oktober te worden. De lucht is kraakhelder zodat wij volop van de vogeltrek kunnen genieten. Vinken en veldleeuweriken golven dan ook in kleine groepen boven het landschap. Struiken met bessen worden druk bezocht door tientallen koperwieken. In een meidoorn hangt een zo op het oog rubberen operatiehandschoen. Dichterbij blijkt het een oud wespennest. Voorzichtig probeer ik het los te maken van de struik, wat onmogelijk is zonder het te beschadigen. Ik besluit het te laten hangen.
Na de middagboterham rijden wij over de Schuringsedijk langs Ambachtsheerlijkheid Cromstrijen richting Strijen. Op een akker bukken vele mensen zich over het gewas. Hun auto’s hebben zij in een lange file geparkeerd op de smalle dijk. Verderop komen wij vast te staan. Op dit punt is het een af en aan rijden van auto’s. Op mijn vraag wat er gaande is op de akker, vertelt een man dat er gratis bonen geplukt mogen worden. Dat laat de Hoeksewaarder zich blijkbaar niet ongelegen liggen. Met plastic draagtassen vol bonen keren zij terug naar hun auto’s. Als wij na een kwartier van manoeuvreren de opstopping bijna achter ons gelaten hebben, nadert een cabriolet. De bestuurder en de bijrijder verguld door het mooie weer en de gratis bonen manen ons met hautaine gebaren om achteruit te rijden zodat zij erlangs kunnen. Terwijl ik grom en brom wuift mijn vrouw hen kalm opzij. Met vuile blikken worden wij aangekeken. Verbaasd over wat de mensen bezighoudt rijden wij een rondje door het Oude Land van Strijen, waar zojuist enkele goudplevieren neerstrijken tussen de kieviten.
 

Het is niet wat je ziet,
zeker de handschoen
in de struiken niet.

Wat beweegt de bonenplukker,
wat de akkerbouwer?

De vrouwen in cabriolet gezeten,
waren zij even als wij, passanten?