maandag 5 november 2012



Was mij -

Zwaar leunt de dag tegen het ochtendlicht.
Afwezig sla ik enkele bladzijden om van
het boek dat alsmaar dunner wordt.
Ik keer terug, doch dwingende gedachten
hinderen mij de vergeten zinnen te lezen.

Met een klap sluit ik het boek.
Achter het raam verschijnen de vage
contouren van spreeuwen in hun vlucht.
Terwijl de klanken van het Miserere mei
nazingen in mijn hoofd, begint de dag.

- en ik, zal witter zijn dan sneeuw

zaterdag 3 november 2012




Als ik de bladzijden van het boek omsla, drukt de ochtend zwaar op het licht dat nog komen moet.  Ik besef dat de zojuist gelezen zinnen vergeten zijn. Met een zucht sla ik het boek dicht en staar uit het raam. Een  eerste vlucht spreeuwen is zichtbaar. Na een ontbijt van warme toast met jam en andere lekkernijen neem ik plaats achter mijn computer. De eerste woorden, die gisteren bij mij opkwamen na een kop thee, verschijnen op het beeldscherm. Ik was op bezoek bij mijn vriend Niels, vandaar.

zwaar leunt de dag
het ochtendlicht wast later
de inktzwarte nacht

Die middag is verrassend, want terwijl ik op mijn gemak een geriefelijke fauteuil uitzoek laat Niels mooie muziek aan mij horen. Vooral de filmmuziek van ‘The Hours’ gecomponeerd door Philip Glass is van een zodanige grote schoonheid, dat ik spontaan kippenvel op mijn armen krijg. Even zak ik weg in vergetelheid. Bij het volgende stukje muziek voel ik traanvocht opwellen in een hoekje van mijn oogkas. Het ‘Miserere mei Deus’ van Allegri is dan ook zo mooi dat ze alle aardse pracht overstijgt.

hemelse klanken
vullen de warme ruimte
twee vrienden zwijgen

Vandaag lees ik in het boek ‘De heelmeesters’ een passage waarin een stukje tekst van de Miserere geciteerd wordt. De openingszin van deze haibun, het aangrijpende Miserere en de gelezen tekst vallen samen tot het concept van een gedicht – het kan niet anders.

voorzienigheid
woorden en klanken
vloeien ineen


Het gedicht dat ik schreef naar aanleiding van deze haibun zal maandag op dit blog te lezen zijn.


zondag 21 oktober 2012

De balk en de splinter






De oude man duwt zijn rollator het kruispunt over. In het metalen mandje ligt een stapeltje kranten en wat klein chemisch afval. Het is zijn gewoonte om zo nu en dan dergelijke niet meer bruikbare producten netjes naar het afvaldepot te brengen. Als hij maanden later opnieuw een stapeltje oude kranten heeft, besluit hij de kranten naar de inpandige bergplaats te brengen, om ze in de daarvoor bestemde container te deponeren. Zoals het hoort. De tijd heeft vat op hem gekregen en hij is niet meer in staat om naar het afvaldepot te lopen. Al de containers ter plaatse zijn vol. Een kartonnen doos doet tijdelijk dienst als oud-papierbak en de man besluit om zijn stapeltje er bij te leggen. Tevreden overziet hij de situatie, alles staat netjes op zijn plek. Dan ploft er de andere dag een brief op de deurmat. Zijn vrouw maakt de enveloppe open en terwijl zij de brief leest kleurt haar bleke gezicht rood. Een vermanende boodschap vertelt dat het niet de bedoeling is om oud-papier in een doos naast de daarvoor bestemde container te zetten, ook al is die vol. Als een ieder zich nu eens aan de regels houdt, dan blijft alles keurig schoon en ordelijk. De oude man is verslagen als zijn vrouw hem de inhoud van de brief voorleest. Zijn vrouw laat het er niet bij zitten en haalt verhaal bij de brievenschrijver. Uiteindelijk biedt de man zijn excuses aan en zet die avond een plastic zak naast een volle vuilcontainer op straat. De andere ochtend is de zak aangevreten door zwerfkatten en ligt er huisvuil verspreid op straat.

dinsdag 16 oktober 2012

    
     boven de akker
     bidt een buizerd in de wind
     gevleugelde hoop


     de meidoorntakken
     buigen zich voor de herfstwind
     water kabbelt voort