Dat
is het verhaal wat ik lees: Een man, gevallen op de vloer. Tot niets meer in
staat. Ik vat het samen – alleen zijn actuele gedachten vanaf de vloer, niet wat
hij ooit meemaakte - in poëzie, dat een
mengsel is van Japanse versvormen. Ik noem het: Op de harde vloer.
I
’t Kille
hemeloog
kijkt op hem neer, hij liggend
op de harde vloer
zijn
gedachten dwalen rond
hoe is hij hier toch beland
licht, hij
ziet beter
grauw ‘t toilet de muurtegels
welvingen hoeken
’n voet knie
dijbeen erboven
de kaak stuk of scheefgezakt
een oog in
spiegel
knippert naar hem en nogmaals
zo treft hij zich aan
hoort klikken
van ’t hek
voetstappen fietsgeratel
Sofia de
jonge buurvrouw
roepen lukt niet mondhoek hangt
#
vanaf dat moment
terug naar het verleden
nu toen nog verder
de tijden verstrengelen
-dit verhaal vanaf de vloer-
schrik hij
voelt de angst
klettergeluid in keuken
razend van hart naar tenen
een inbreker zal
’t vast zijn
vluchten gaat helaas niet meer
het is nu
zover
hij sluit zijn ogen en wacht
een geluid als ’n stem
weer ‘t
geluid hij herkent het
bedelend mauwend- Shifty
denkbeelden-
hij keert terug
neemt de kat in zijn armen
Geen opmerkingen:
Een reactie posten