dinsdag 6 januari 2026

 Emoties

‘Wat nou klimaatverandering. De ouderwetse sneeuwval wijst daar toch niet op.’
‘Denk eens na, waar komt die troep vandaan; bevroren smeltwater uit het noorden. Waardoor is dat gesmolten?’

Zo keuvelen zij nog even door. Maken grappen en grollen. Ineens proest een zich uit, laat zich haast helemaal gaan.

Zo wat ben jij blij
Ja eindelijk heb ik mij
kunnen uiten -woede en haat
maar nu heb ik spijt

Stel nu eens dat elke emotie een kleur heeft, bijvoorbeeld rood van woede. Diegene uit de poëzie hierboven zou dan een nieuwe kleur en naam hebben, ik tel immers vier emoties. Die kleur zou kunnen wijzen op een nieuwe emotie, hoe die te  noemen?

Soms in een warm voorjaar verwisselen wilde veldbloemen van plaats. Er ontstaat een prachtig veldboeket. ‘Kijk eens bloemen van vreugde en verdriet.’,  kan het dan klinken omdat de bloemen vreugde geven bij verdriet.

zaterdag 3 januari 2026

 

Een lichtflits doorklieft de donkere ruimte buiten. Niet veel later breekt een dof ‘gerommel’ de stilte. Vast onweer denkt de schrijver, en ja, enkele tellen later roffelt winterse neerslag op het raam. Code geel en oranje, verdeeld over het land; pas op voor gladheid!

Er bestaat een interessant verschil tussen de stoïcijnse versie en de epicurische versie van de pathische apathie. Moeilijk (?), blijf lezen het valt mee. Een stoïcijn blijft onder druk van emoties kalm, een epicurist vindt dat het denken en de deugd het hoogste goed is. Pathie is een ander woord voor passie, a-pathie is niet-passie. Laat het rustig bezinken en lees verder.

Een jonge man vroeg aan een stoïcijn in oude tijden: of een wijze verliefd kon worden. Hieronder zijn antwoord.

Jij en ik, nog geen wijzen
moeten emoties voor-
komen

Nietig lijken in onze ogen
en onderworpen aan een
ander

Als die op onze gevoelens
reageert is dat olie op het
vuur

Wees bewust van zwakheid
die ons tart blijf rustig kalm
jezelf

Lever je niet uit aan wat dan
ook dat ons meesleept door
verleidelijkheid

Buiten zijn de straten bestrooid met sneeuw. Opgevroren en niet zichtbare plekken zijn daardoor spekglad en levensgevaarlijk om veilig over te steken per voet of fiets. Ik blijf binnen, laat dit blog bezinken en kijk ondertussen zonder gedachten en gevoelens naar een fruitschaal waarop, hoe kan het anders fruit ligt opgestapeld.   

 

 

 

vrijdag 2 januari 2026

 

Samen zitten zij langs de rivier aan een picknicktafel, de lezer vast wel bekend, die meestal houten-eterij-buitenmeubels. De twee eten niet, maar schuiven houten schijfjes, zwart en wit. Ondertussen babbelen ze wat uit de losse pols.

‘Er zijn mensen die erg veel van hun kat houden en denken dat die gevoelens wederzijds zijn. Maar dat dier is vanuit zijn natuur alleen maar uit op warmte en voedsel. En jij bent daarvoor, vindt het egocentrische schepsel, de aangewezen persoon.

‘Maar honden dan?, roept de kynofiel. Die beschouwen jou als baas van de roedel. Wordt de leiding overgenomen, hup, dan lopen ze kwispelstaartend achter hem of haar aan. We nemen onszelf in het ootje. We maken onszelf maar wat wijs dat katten en honden van ons houden vanwege onze uniekheid.’  

‘Mmm. Trouwens, ik heb nu drie dammen, jij maar een. Je kan wel opgeven. Nog een potje?’

 

dinsdag 30 december 2025

In het leven van

De code van de toegangsdeur ligt opgeslagen in mijn hoofd en kan ik, mocht hij vergeten zijn, terugvinden op mijn mobiel. Geen nood aan de man. De persoon voor wie ik kom, zit nog aan zijn ontbijt, naast ‘de vogelaar’. We maken een praatje met elkaar. Een derde blijkt een schaakliefhebber te zijn. Direct is er een ingang tot een eventuele afspraak voor een spelletje schaak; opening, midden- en eindspel.

Vol aandacht loop ik vijftien minuten later in het zonnetje, Yoego, mijn ‘afspraak’, loopt achter zijn rollator naast mij. Druk gebaard hij met zijn handen als hij iets vertelt. Nerveus houd ik alles in de gaten: het verkeer achter ons, de rollator die het spoor bijster lijkt te raken, de man voor wie ik uiteindelijk kom. Verloopt het wel veilig voor hem? Na afloop praten wij bij over wat ons bezighoudt, soms met diepgang.

Met drie personen waarmee ik de tijd wil delen, heb ik nu kennis gemaakt. Raakvlakken genoeg. Zo ligt er nog een moment in het verschiet om over vogels te vertellen, want we hadden het al over kijkhutten en bekende zgn. vogelrivieren. Schaakstukken rammelen al vol ongeduld in dozen. Gesprekstof en ideeën te over. 

maandag 29 december 2025

 

Gekunsteld

In een makkelijke stoel, leun ik licht achterover. Mijn rechterhand omklemt een beker koffie. In de linker ligt een opengeslagen boek. De kern van mijn gedachten worstelt om concentratie. Ik wil veel: lezen, de stof overdenken, schrijven. Beleef het mee op dit blog.

In een makkelijke stoel, geërfd van mijn vader, leun ik licht achterover. Mijn rechterhand omklemt een beker, waarin zojuist gezette koffie afkoelt; dat is smaakvoller. In de linker ligt een opengeslagen boek, waarin de essentie te lezen is van een filosoof uit de zestiende eeuw. De kern van zijn denkbeelden, die uiterste concentratie vergen, zou je zomaar in onze tijd kunnen toepassen. Echter, mijn aandacht wordt afgeleid naar eerder.

Toen maakte ik een wandeling, waar ik wulpen hun naam hoorde roepen althans, dat is een algemeen geldend kenmerk. Naar mijn beleving hoorde ik echter “:wu-liep”, of iets dergelijks, geen wulp. To the point: gekunsteldheid, een gemaakt gezwollen tekst zoals de alinea hierboven, siert niet altijd.

ophemeling haalt
in dit blog de kern omlaag
dat kwetst de grond                          

dinsdag 16 december 2025

 

Hoor, Troost
in de stilte
niet om je heen
- in jezelf

noem hem dit
noem hem dat
om het even wat

Bij ziekte of dood
bij wat bijna niet
te verteren is

Ervaar het zonder
woorden gedachten
daar waar leegte is

Op die plek vind je het
al valt daar niets te zoeken

 

#

 

Een brede schaduw
zweeft telkens over

Steevast iets lager
voordat het landt

Mijn oog valt op zijn
makkers hoog boven mij

Zij kijken hoe hij beweegt
rondom hapklare kadavers

Er bovenop scheurt hij los
wat hompen vlees, eet het op

Het signaal voor de zwevers
boven hem. Zij cirkelen omlaag

Later lijkt de zwarte schaduw
over mij heen te vallen - pas dan

schrik ik wakker in de werkelijkheid


vrijdag 5 december 2025

 

Nico en Klaas

Na een wandeling waarin de kleine jongen al enkele Sint Nicolaas versjes had gezongen en ook opa af en toe zijn vocale kunsten in volle glorie vanachter de buggy door de straten had laten galmen, stappen de drie, ook mams is erbij, de ontvangstruimte van het verzorgingstehuis binnen; St. Nicolaas ontvangt hier iedereen die hem lief heeft.

Opa kijkt zijn ogen uit. In een hoekje zit de Sint op zijn stoel, geflankeerd door ‘Zwarte’ Piet, al mag je hem tegenwoordig zo niet noemen. Piet heeft lange zwarte krullen. ‘Zeg Piet’ vraagt opa ‘kan ik niet wat krullen van je krijgen’. De toon is gezet; opa is zelf zo goed als kaal.

De kamer van de Sint is verrassend opgezet, rechts staat het ledikant van Nicolaas, erlangs aan de wand hangen afbeeldingen van waar hij vandaan komt, bij het hoofdeind een kastje waarop een boek en een glas water. In een andere hoek zijn staf en door de schrijver van dit verhaal vergeten attributen die kenmerkend zijn voor alles voor sinterklaas en dus de essentie van het grote feest verstevigen.

De kleine jongen is bangig voor de Sint, net zoals zijn moeder en opa dat in vroegere tijden waren, toch probeert de Sint hem te paaien, wat niet lukt. Tijd om naar huis te gaan, ieder in gedachten; toch wel heel bijzonder deze alternatieve ontvangst. Door de rustige, ongedwongen sfeer waarin al de zintuigen gestreeld worden, is de angst voor Sinterklaas verdwenen en, de opzet van het feest verheven tot kunst.