Posts tonen met het label Corona. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Corona. Alle posts tonen

dinsdag 23 november 2021

Contrasten

In het voorjaar hadden wij bij de Doelen twee plaatsen gereserveerd voor een concert later in het jaar. Nu in de herfst is het zover. Eigenlijk heb ik niet zo’n zin meer. Ik ben moe van een al weken durende verbouwing thuis, en ook de corona maatregelen spelen op de achtergrond mee. Ik doe net of ik het concert vergeten ben. Pas als mijn José over de avond begint stem ik met haar idee in; het is goed om er even tussenuit te zijn. 

Het concert wordt opgedeeld in twee etappes, zodat de concertzaal tweemaal voor de helft gevuld is en de bezoekers zoveel als mogelijk door de zaal verspreid van Ibrahim Maalouf kunnen genieten. Hij kan niet alleen fabelachtig mooi trompet spelen, ook zijn piano- en zangkwaliteiten ontroeren ons. Voor even vergeten wij de dagelijkse drukte.


In de auto praten wij nog na over het concert. Bij het Hofplein stroopt het verkeer op en staan wij plotseling stil. De Coolsingel is door agenten afgezet. Er rijden politiebusjes met zwaailicht en gillende sirenes rond het plein. Als er een ambulance langs raast, denk ik aan een ernstig verkeersongeluk. Wanneer vanaf het Pompenburg de ME met zwaar geschut komt aangereden en met gierende banden de Coolsingel oprijdt beseffen we dat er iets vreselijk mis is in het centrum van Rotterdam. ‘We moeten zo snel mogelijk wegwezen’ zegt mijn vrouw.

 

Pas bij thuiskomst horen wij over de rellen. Wat een geluk dat wij met de auto zijn gegaan en niet met de metro, zo konden wij aan de chaos ontsnappen.

 

Terwijl ik dit schrijf kijk ik uit het raam, er is gelukkig nog zoveel wat wel mooi is.

 

een zanglijster vliegt
naar de top van een wilg

een verstild moment

 

      

  

dinsdag 17 augustus 2021

Een ochtend vol indrukken

Vroeg ben ik al wakker vanochtend. Het is Zondag 4.45 uur om een idee te geven. Ik woel nog wat tussen de klamme lakens, maar stap dan resoluut uit bed. Ik zet wat thee en lees enkele bladzijden uit het dagboek van een vijftienjarige autistische Noord-Ierse natuurjongen. Het is bijzonder om te lezen hoe hij de natuur ervaart en ervan geniet. Aan de andere kant is het ook apart om te lezen hoe hij al op jonge leeftijd doorheeft dat veel door de mens zijn toedoen verloren gaat. Ik sla het boek dicht en lees verder in Mrs. Degas van Japin. Een fraai geschreven roman over de op het einde van zijn leven blinde Franse kunstenaar. Om half zeven is het al aardig licht aan het worden. Ik ga naar buiten voor een wandeling. Na een kort praatje met een oude dame uit de buurt laat ik Spijkenisse achter mij.

In de polder waar de schapen blaten, de buizerds mauwen en enkele zwanen kroos filteren in hun snavels, overvalt zware melancholie mij. Dat zal vast ook met de inzichten van de Ierse jongen te maken hebben. Ik probeer de gevoelens en gedachten van mij af te laten glijden, wat maar nauwelijks lukt. Vanuit de toren van het Witte Kerkje in Simonshaven jaagt een torenvalk een paar kauwen weg. Als de kraaiachtigen uiteengevlogen zijn, vliegt de valk krijsend nog wat rondjes en landt in een boom. Dan is het stil en keer ik om. In de lucht volg ik de vluchten van dalende en stijgende vliegtuigen; corona luwt, het luchtverkeer neemt toe. Een bruine kiekendief, ik herken hem van ver aan zijn vleugelslagen, jaagt op zijn eerste prooi. De melancholie lijkt afgezwakt, de gedachten van en aan de jongen zijn er nog. Ik ga ze op papier zetten. 


       

dinsdag 24 november 2020

Op het uiterste puntje

 

Al een tijdje wilden Peter en ik samen naar de Maasvlakte. De plek waar welzijn en welvaart bij elkaar komen. Omdat corona ons tegenhield om in één auto te rijden, reden wij apart en spraken ter plekke af.



Meetingpoint: Bosjes van Jans. ‘Hoever is het lopen naar het kijkscherm?’ ‘Vijf minuten denk ik.’
Vliegtuigstrepen wijzen naar de duinen.



De Stadsvogelaar, de stad ontvlucht, ligt op ‘het balkon van Nederland’. Waarnaar tuurt hij? Vogels zijn immers ver weg op zee.



Het is het lijnenspel dat fascineert. Krom, recht en ruw. Zij zijn een grens tussen vlakken gevuld met kleur.



De Westplaat bij laagwater. Water dat zijn eigen weg zoekt. Evenals de met het blote oog onzichtbare strandlopertjes.



De lucht lijkt rechts aan de horizon uiteen te spatten.
Beslist geen zwart gat.














donderdag 15 oktober 2020

Het mag weer - uit Groot Goeree Overflakkee

Corona, de plaaggeest, veroorzaakte dat ik een half jaar inactief was als vogelgids bij Natuur Monumenten. Nu is dat geen ramp natuurlijk, want vogelen kan ik heel goed alleen, maar ik miste het wel. Half september mocht het weer.

Tegen negen uur in de morgen snoeren de deelnemers en ik de witte elastiekjes van de blauwe mondkapjes achter onze oren. Pas daarna vaart de pont in rustig tempo uit. Aan wal op Tiengemeten stel ik mij nogmaals voor en heet de bezoekers welkom. De excursie ’op zoek naar roofvogels’ kan beginnen.

Al direct is het raak. Een torenvalk bidt boven speelnatuur. Voor mij een ideaal moment om ook iets over het natuurlijk aangelegde speelterrein te vertellen, ik werk daar immers als vrijwilliger in het onderhoud. Een wandeling door het gebied zou helemaal mooi zijn, dus klimmen wij met zijn allen over het hek. De plantenrijkdom ter plekke is, ondanks dat de bloei haast voorbij is, het waard om er informatie over te geven.

In aantal laten de roofvogels het afweten, maar qua soorten is het feest. Bijna al de gehoopte soorten laten zich zien. Van de roofvogels die verstek laten gaan weet ik smeuïge verhalen te vertellen, zodat zij toch acte de préséance geven.

Opgewonden en wijzend roept een jongen. ‘Wat is dat voor een grote roofvogel Tino’. Terwijl ik de vogel observeer, passeren de namen van de geleerde soorten een voor een de revue. ’Een zeearend’, zeg ik. Nog even is er twijfel. De vogel heeft namelijk een relatief snelle vleugelslag. Als er later een gans onder de arend doorvliegt, is de determinatie klip en klaar. Een gans past namelijk makkelijk twee tot drie keer in een zeearend.

foto: Peter Ganzeboom

Om in te haken bij het enthousiasme van de deelnemers, las ik een koffiepauze in en vertel anekdotes over de grootste roofvogel van ons land. Daarna vervolgen wij onze excursie naar de aardappelloods. De naam zegt het al, hier werd een deel van de aardappeloogst in vroeger tijden bewaard. Ter plaatse wist ik tussen de wortels van een populier nog een nest van een wilde bijensoort te vinden. Omdat het warm was, waren de beestje actief.

Op de terugweg naar de pont, laten zich ook nog enkele kleinere vogelsoorten zien, zoals de graspieper en de putter. Het leuke is dat de deelnemers het geleerde in de praktijk brengen, want telkens wijst men op vogels en plantjes en brengt ze op naam. Moeilijk blijkt de chicorei. Een oudere deelnemer weet te vertellen dat daar in de oorlog surrogaatkoffie van gemaakt werd. Hij trekt een vies gezicht. De verhalen komen los. Een mooi moment om de excursie af te sluiten.

Inmiddels en dat zeker niet terzijde laait corona weer op en liggen ook de excursies weer stil en is de titel dus gedateerd.