maandag 16 oktober 2023

Een lege pagina

 

Zo rond half zes wordt hij wakker. Een streep licht van buiten valt op de muur. Het dakraam waardoor het naar binnen glipt staat op een kier en klappert zacht in het scharnier. Nog even woelt Rick om, dan stapt hij uit bed. Zijn vrouw Alice merkt niets van zijn bewegen en slaapt rustig door. Beneden opent hij de deur die toegang geeft tot de kleine boomgaard achter het huis. Onmiddellijk sluit hij hem weer. Het waait te hard. Binnen is daar door de goede isolatie niets van te merken. Hij zet de computer aan en zoekt het weerbericht. Er is storm op komst. Als Alice beneden komt, waait het al harder.

Ze gaat de keuken in en op het moment dat zij de deur van de koelkast open wil doen, gaat het licht uit. In de koelkast is het pikkedonker. Enkele stoppen zijn ‘gesprongen’.  Op de tast vindt zij eieren en wat broodbeleg. Margarine kan zij niet vinden. Rick gaat op zoek naar een zaklamp. Omdat die haast nooit wordt gebruikt, kan hij hem niet vinden. ‘Er zit toch een lichtje op je mobiel’, roept Alice vanuit de keuken. Uiteindelijk komt alles in orde en bakken ze een spiegelei met spek. De geur van Earl Grey  mengt zich vanuit een glazen kan met het haast Engelse ontbijt. Wat tegenzat wordt een plezier.

Vrolijk doet ieder zijn ding. Alice zit achter de pc en probeert een kort verhaal te schrijven. Ze was er al mee begonnen, maar telkens vond ze het niet goed genoeg. De pagina met wat zij schreef, is gewist en staat leeg voor haar neus. Haar humeur zakt, want weer weet zij niets. Dan schiet haar iets te binnen. Ze zoekt een pas geschreven gedicht op, kopieert het en plakt het op een lege pagina.

ruiten rammelen
pannen klepperen
boomtakken zwiepen
krakend heen en weer
wind raast razend langs de ramen
het water zweept vanachter dij
ken
over de kruinen, luister … herfst

Zij krijgt een gaaf idee. Als ik deze ochtend nu eens beschrijf met dit gedicht. Dan heb ik toch een leuk kort verhaal.

woensdag 11 oktober 2023

Uit de krant - GGO

Tino van Kampen: Zomerse herfsttocht

Algemeen 180 keer gelezen


Grote zilverreiger. Wat een indrukwekkend verenpak! (Foto: Peter Ganzeboom)

De fiets gaat uit de schuur. Een statief achterop. De telescoop en proviand in een zijtas. Op naar de Beninger Slikken.

Ik voel de herfst al, zei een bekende vogelaar laatst tegen mij. Er was voor de meeste mensen nog weinig van te zien, laat staan voelen. Toch had ook ik af en toe dat gevoel. De meeste broedvogels waren klaar met broeden en jongen grootbrengen. 

Hier en daar viel een blad van een boom. Er waren windvlagen die herfstkilte in zich droegen en in de avonden werd het eerder donker. Vogels ruiden in stilte hun verenkleed en vetten zich op. 

Dan, vanuit het niets vliegen er kieviten boven de graslanden. Kool­- en pimpelmees zoeken naar insecten in bomen en struiken. Een grote zillie, (zilverreiger) lost een lepelaar af met het zoeken naar voedsel in plas en dras. Op pad dus.

Onderweg zitten enkele roeken, te herkennen aan de grijze snavelbasis, op boerenhekken. Ik zou af kunnen stappen en ze bekijken, maar balanceren met een damesfiets zonder stang tussen de benen is in mijn situatie lastig. 

Langs de Bernisse waag ik toch een poging. Een cettiszanger laat zich horen. Het is een leuke sport om die vogel in beeld te krijgen. Altijd lijkt hij zich te verstoppen. Hoera, het lukt mij.
Bij de slikken pak ik mijn apparatuur, zet de fiets op slot, wurm mij door een hek en balanceer over een dijk. Bij een bankje met uitzicht over de slikken maak ik kwartier. Op een drooggevallen slik scharrelen steltlopers. Ik kan de details niet goed zien.

Hetzelfde is het geval bij een roofvogel die als een buizerd overvliegt. Maar is het er een? Hij lijkt iets groter, ook zijn staart heeft een iets andere vorm. De tekening is ook niet des buizerds. 

Er zijn vogelaars die balen van een soortgelijke ontmoeting, het niet op naam kunnen brengen van een soort. Om zichzelf tevreden te stellen geven zij de vogel een naam. ‘Zo, kijk eens wat ik gezien heb’, denken zij in zichzelf. Anderen hebben dat niet. Het kan juist een genot zijn. Dat is vogelen. Genieten van een gevleugelde vriend. Of je nu weet wie het was of niet. 

Na een uurtje breek ik op en kuier nog even door het gebied. Thuis wacht immers. Met een blik over het Spui, de Korendijk, en het lokkende Goeree-Overflakkee, sluit ik af. 

Het wachten is op een rij-test en dan hop naar het eiland aan de overzijde van Voorne - Putten. Ik ben er bijna klaar voor. 


Tino van Kampen schrijft regelmatig in ‘Groot Goeree-Overflakkee’ over zijn omzwervingen in de natuur rondom het Haringvliet. 

woensdag 4 oktober 2023

Zin en zin

‘Bah, wat heb jij een slecht humeur’, zegt hij tegen haar.

Sibille stopt met schrijven en draait zich bozig om.

‘Ja, het wil weer eens niet lukken. Ik kan geen goede openingszin vinden voor mijn nieuwe blog’.

Nog net kan zij zich inhouden om met haar cursor op het kruisje te klikken en heel haar werk ongedaan te maken.

‘Ik heb ook helemaal geen zin meer. ’t Is al dagen pet. Niets lukt. Zelfs een leuk onderwerp vinden niet’.
‘Misschien is het beter om even te stoppen. Wachten tot een onderwerp de kop op steekt. En dan ineens is daar de zin en de zin’, zegt Harry glimlachend.

Die glimlach doet het hem. Sibille glimlacht terug, neemt haar bril af, strijkt over haar gezicht en vouwt haar blonde krullen naar achteren. Even schudt ze haar hoofd en kijkt met de bril weer op haar neus zinvol naar Harry.

‘Kom op, dan gaan we een eindje wandelen. Mijn hoofd leeg laten waaien en even samen zijn’.

De zon prikt net door de wolken. Van dreigende regen is geen sprake meer. Wind waait straten droog, streelt door haren en prikkelt zachtjes de huid. Misschien is het wel goed dat ik Harry vraag wat hem zoal bezighoudt de laatste tijd, denkt Sibille. Ze vraagt het hem. Een goed en fijn gesprek volgt. Bijna thuis loopt een poes hen tegemoet. Met geluidjes lokt ze hem. Zachtjes streelt hij zijn kop tegen haar benen. Ze aait hem over de kop, recht haar rug en zegt hem gedag. Beiden gaan hun eigen weg. Harry en Sibille doen later hetzelfde. Naderhand  heeft ze twee zinnen. Eigenlijk drie. Twee schrijft ze op en vraagt Harry welke hij mooier vindt.

Lente, het peloton barst los en witte benen stampen op de pedalen, de Muur op.

Hij wil revanche maar, een steenpuist op zijn zitvlak verhindert dat voorjaar een revanche.

Lachend maakt hij een keuze. ‘Zie je wel. Als je maar even afstand neemt. Dan komen de zinnen vanzelf’.

Met zin in dubbele betekenis gaat Sibille weer aan het werk. Even het schrijven loslaten was een groot succes. 

dinsdag 26 september 2023

Van die dagen

He, he, eindelijk weer een wandelingetje in de polder. Het kwam er even niet van. Een bekende vrouw rijdt mij tegemoet. Haar labrador snuffelt in de berm. We groeten elkaar. Als ik het bruggetje vlak bij mijn huis op wil lopen, hoor ik alarmerende kreten. Help, help. Ik kijk om en zie niets. Help, help. Langs de kant van een sloot ligt de zojuist begroette vrouw. Zo snel mogelijk loop ik naar haar toe.

Ze denkt dat zij haar heup gebroken heeft. Wij beiden hebben geen telefoon bij ons. Ik stel haar gerust, pak haar fiets en geef aan dat ik haar man en eventueel een hulpdienst ga inlichten. Opnieuw wil ik het bruggetje opdraaien. Maar … de fiets heeft geen handremmen. Gelukkig heb ik mijn hoofd bij de situatie en alles wat ik wilde vindt zijn doorgang. Helaas ook de gedachten en emoties die door mijn lijf gieren.

Koffie is een rustgever. Daarna even naar kennissen om mijn verhaal te doen. Wat blijkt, die staan op het punt om een weekje op vakantie te gaan. De moeder van een van hen is onlangs overleden en de ander heeft een burn-out met medische complicaties. Hun verhaal draagt niet bij aan mijn ‘goedvoelen’. Toch ga ik naar mijn vriend, dat had ik afgesproken.

Hij ziet er goed uit. En ondanks dat hij mentaal sterk in zijn vel zit, heeft hij fysiek het nodige te verwerken. Mijn petje af hoe hij in het leven staat.

De vrouw is inmiddels thuis en heeft inderdaad een heup en bekkenfractuur. Binnen een half jaar kan zij hersteld zijn. Ga er maar aanstaan. Na een matige nacht en goede ochtend, schrijf ik dit verhaal. Het leven gaat door. 

  

donderdag 21 september 2023

Minimalisme

‘Kijk nou. Wat is dit nu weer?’

Als ze via de helling de ondergrondse parkeergarage in willen rijden, komt er een auto achterwaarts, tegen het verkeer in, naar boven. De muziek die uit de boxen klinkt wordt gehinderd door een brandalarm. Uit een naastliggend hek komen mensen naar buiten.

‘We zullen ook terug moeten. Er zal vast brand zijn, of vals alarm.’
‘Hoe vind je de muziek trouwens op de radio?’
‘Weinig noten, weinig variatie, maar toch boeiend. Wel knap. Wie is het?’
‘Ben de naam kwijt. De soort heet trouwens minimalisme.’
‘Lijkt een beetje op modern klassiek.’

In de zaal van het museum dat ze bezoeken, hangt een werk van papier-maché, althans daar lijkt het op.

‘Wat is dit nu?’ Het lijkt wel gekauwd papier dat is uitgehard en in vorm gebracht.’

Een grote rechthoek in reliëf hangt voor hun neus. Met daarin verwerkt allemaal vierkanten. De schaduw die de randen daarvan geven zijn versterkt door een kwast met verf. Hoe simpel, maar toch zo boeiend. Net zoals de muziek die ze eerder hoorden.

Op de reis terug naar huis wordt nagepraat. Het brandalarm bleek vals alarm, vertelt de radio.

‘Jij bent geloof ik ook een minimalist.’
‘Hoezo?’
‘Nou, aan het schijnbare gewone, waar haast iedereen aan voorbij loopt, sta jij stil. Je ziet altijd iets bijzonders aan het kleine onopvallende.’

‘Ja voor mij trekt het aandacht. Kan jij ook. Probeer maar eens.’      

zaterdag 9 september 2023

Hitte

Rond acht uur loop ik op een zaterdagmorgen om de polder. Het is nevelig en er hangt voor mij een ondefinieerbare geur. Ik houd de pas erin, ondanks dat ik licht in mijn hoofd ben. Beneveld? Nee, dat niet. Ook niet wankel of instabiel. Wel dat gevoel.

Bij het dorpje S vliegt in v-formatie een clubje ganzen. Welke? Zullen vast grauwe zijn. Het gakgeluid heeft iets weg van kollen. De naam onder hardcore vogelaars voor kolganzen. Voor dat soort watervogels is het nog te vroeg in het jaar. Pas in de wintermaanden zijn zij welkom in ons kikkerlandje.Op sommige plekjes houd ik even halt. In de verte loopt een man rondom zijn fiets. Aan zijn houding meen ik hem te herkennen. Ik zwaai. Geen reactie. Ik roep. Niets. Toch voorvoel ik herkenning. En ja hoor. Het is mijn vriend Peter. Nog even is hij net als ik in de relatieve koelte het huis ontvlucht om wat buiten te zijn. Nu kan het nog.

We houden allebei een slag om de arm wat betreft er deze week samen op uit te trekken. Andere zaken hebben voorrang. Thuis drink ik samen met José koffie. Ik pak een boek en zij gaat fietsen. Om half twee gaat de telefoon. Lekke band. Ook dat nog in deze hitte. Fiets op slot. Lopen naar metro. Ver weg. Later samen maar ophalen. 

dinsdag 5 september 2023

Bij mijn maatjes op Tiengemeten

Nadat de auto geparkeerd is, loop ik tussen de wilgen van het Tiendgors door. Ik hoor een enkele cettiszanger, zie aan de overkant het lokkende eiland en voel de warmte die nog onderweg is. Op de pont krijg ik zeemansbenen, die mij ‘plagen’ bij het uitstappen. Wankel schuifel ik de eerste stappen over de kade. Na koffie en wat praatjes, pak ik een heggenschaar en snoei een elzenhaag. Kabaal van machinaal gereedschap zoemt om mijn oren. Gehoorbescherming maakt het dragelijk. Ik heb het naar mijn zin en nog net niet uit volle borst zing ik ‘Als een leeuw in een kooi’. Aan wanhoop ten prooi, zoals de katachtige, ben ik niet. Enigszins schor maak ik met anderen schoven van pas gemaaid gras. Om twee uur in de middag leggen wij het gereedschap neer, ruimen het op en zoeken de pont op. Een jaar na mijn ongeluk kon ik weer aan de slag bij de onderhoudsploeg van Speelnatuur op Tiengemeten. Ik heb het gemist.