dinsdag 10 juni 2014

Hindernissen




Tweede Pinksterdag, Roparundag. Op mijn racefiets passeer ik een viaduct. Het is drukkend warm en een onweerslucht hangt al enkele uren boven Goeree-Overflakkee. Groepen hardlopers en meefietsende begeleiders draaien juist voor mij de Haringvlietbrug af richting Numansdorp. Een aantal kilometers fiets ik geconcentreerd van groep naar groep. Vlak voor het dorp worden de sporters linksaf de dijk afgestuurd. Ik rij behendig om een afzetting heen. De weg die ik zojuist achter mij heb gelaten, zal vast zijn afgezet voor de dapperen die de laatste kilometers van Parijs naar Rotterdam afleggen. Niets is minder waar. Een man roept mij toe dat ik tegen de rijrichting van een wielerkoers rij. Ik steek mijn hand op dat ik hem begrepen heb.  Als een auto met brandende koplichten mij nadert parkeer ik mijn fiets in de berm. Ingevette kuiten zoeven in een lange, kleurrijke sliert voorbij. Een drietal materiaalwagens sluit het peloton. De weg is weer voor mij alleen. Dagdromend fiets ik verder.

tweede pinksterdag
al draaiend en kerend
ontwijk ik de bui

donderdag 5 juni 2014

Molivos



 Molivos,

Als een haak ligt de kade om jouw haven.
Toeristen flaneren op een huid van steen.
Kleine boten dobberen aan slappe koorden.

Op een bank gezeten, wijst de vrouw naar de vis
die in kraakhelder water een spel lijkt te spelen
met de glinstering van het licht.

De zee achter haar, azuurblauw, is kalm.
Golfjes ruisen zacht op het kiezelstrand.
Een enkeling waagt zich in het koude water.

Terrassen en winkelstraten raken langzaam vol.
Een dienblad draagt cappuccino en groene thee
In een tas glijdt, zojuist gekocht, een souvenir.

Straten en trappen liggen als een doolhof
onder de oranje daken van de oude stad.
Pal daarboven, met zicht op zee en binnenland,

nog lang niet vergaan, ligt robuust: De Burcht.
Hagedissen schieten schichtig heen en weer
tussen de gesleten voegen van zijn muren.

Achter het kasteel glijdt sierlijk, tussen weiden
met schapen, een weg van asfalt naar het dal.
De stad vervaagt, trillend in de warme lucht.





maandag 2 juni 2014

Narrow escape





Vogels observeren is op verschillende manieren mogelijk. Vandaag kiezen we voor de auto, die als schuilhut dienst zal doen. Langs de zuidkust van Lesbos ligt een uitgestrekt wetland, dat omzoomd is met grasland en ruigte. Met beide ramen geopend rijden we over nauwelijks begaanbare paden. Op een hek pal voor ons een bijeneter. Voorzichtig rijd ik de auto schuin het pad op. Ik nader de vogel tot op een kleine tien meter. De vogel, die niet schuw is, laat zich goed bewonderen. Als hij gevlogen is, rijden wij langs een plas waarin tientallen flamingo’s aan het foerageren zijn. Verderop trekt een aantal vogelaars onze aandacht. Een zwarte ooievaar waadt in de deltamond door troebel water. Dan zoekt ook hij zijn vertier elders. Voor ons het moment om op zoek te gaan naar geel gerstenat.



op het kiezelstrand
rent hij driftig heen en weer
de kleine plevier



In de avond wandelen we langs een vervallen zuil van een vroeg Romeins aquaduct. Links daarvan de flauwe hellingen van een olijfboomgaard. Honderd meter verderop stappen we het terras op van een authentiek Grieks restaurant. Het ligt ver buiten het centrum van Molivos en wordt daarom door weinig toeristen bezocht. Als we buiten op het terras gezeten onze bestelling hebben doorgegeven en de tafel is gedekt, besluiten we, omdat het fris en winderig is, naar binnen te gaan. Het interieur doet als een huiskamer aan. Aan de wanden hagen foto’s waarop de geschiedenis van de eigenaren van het restaurant. In een hoek staat, hoe wonderlijk, enigszins met een plaid verhuld, een bed. In het midden staat op een bureau een computer uit de jaren negentig. De eigenaar heeft het you-tube kanaal aanstaan. Uit boxen schalt Griekse muziek. Er is nog een echtpaar aan het tafelen. De vrouw doet mij aan mijn buurvrouw denken als zij met lange uithalen lacht. Direct heeft zij mijn antipathie gewonnen. Het feit dat zij uit Lisse komt, doet daar niets aan af. Het echtpaar knoopt een gesprek met ons aan. Meer uit beleefdheid dan uit plezier praat ik mee. Als we enkele dagen later na een wandeling een terras opstappen en twee stoelen achter een tafel vandaan schuiven, zie vanuit mijn ooghoek schuin achter ons hetzelfde echtpaar. Vlug been ik twee terrassen verder, alwaar ik José de reden hiervoor uitleg.






donderdag 29 mei 2014

Opvliegend gruis



De bijeneter van gisteren wil ik natuurlijk nogmaals zien. Daarom wandel ik al vroeg de heuvels in. Links van mij ligt een ogenschijnlijk vervallen ezelboerderij. Een bord langs de kant van de weg met daarop geschreven, Donkeyfarm You’re Welcome, kan mij niet verlokken om een kijkje bij de ezels te nemen. Na een flauwe bocht laat ik de laatste bebouwing van Molivos achter mij. Hoog in de lucht hoor ik de kenmerkende roep van de bijeneter. Zij zijn op weg naar elders. Na een uurtje kuieren besluit ik om terug te keren. De maag knort, het ontbijt wacht. Honderd meter voor mij op het pad, zie ik een kleine windhoos. Niet groter dan een meter hoog en niet breder dan vijftig centimeter. Langzaam komt hij nader. De wind trekt aan en wordt warmer. Op het moment dat de windhoos daadwerkelijk bij mij is, waait het hard. Mijn in korte broek gestoken benen worden gegeseld door opvliegend gruis. Niet langer dan een halve minuut waait het hard, dan neemt de wind af. Ik draai mij om en zie de draaikolk van stof langzaam oplossen in het landschap. Het blijkt een voorbode voor een stormachtige dag. Boven in de heuvels waait de wind, blijkt later, met een kracht van zeven á acht op de schaal van Beaufort.



wind giert door straten
het dorp angstig verlaten
ligt doods in de storm


dinsdag 27 mei 2014

Lesbos



De nacht is nauwelijks begonnen als we, zonder de slaap gevat te hebben, uit bed stappen. Een half uur later, het is intussen half twee, rijden we richting Schiphol. Daar zal om vijf uur in de morgen ons vliegtuig naar Lesbos opstijgen. De vlucht verloopt voorspoedig. Door het heldere weer is een groot deel van Europa zichtbaar. Om acht uur landt het vliegtuig uiteindelijk op Mytilini Airport.  Met een kleine huurauto proberen we later de stad achter ons te laten. Het lukt maar nauwelijks. Via een doodlopende weg die bij een betoncentrale eindigt, eenrichtingstraatjes en een bijna aanrijding, vinden we na anderhalf uur de juiste weg. Rond een uur rijden we Molivos binnen, de plaats waar we tien dagen zullen verblijven. Het appartement dat wij gehuurd hebben heeft een fraai balkon, vanwaar het vaste land van Turkije zichtbaar is. Moe van de reis ploffen we na de eerste indrukken op ons bed voor een korte siësta. ’s Middags wandelen we wat en ’s avonds genieten we van ons eerste authentieke Griekse diner. De volgende ochtend word ik om half zeven gewekt door een nieuwe dag.



     over de bergkam
     klimt als vanzelf de zon
     gouden morgenstond



Her en der grazen in de heuvels schapen. Vele van hen dragen een bel om hun nek, zodat het vaak een geklingel van jewelste is. Op kaal gevreten stukken grond scharrellen kuifleeuweriken hun kostje bij elkaar. In de verte, langs ons pad, slaan bij een verlaten stal een viertal honden aan. We besluiten van het pad af te wijken. Door een droge rivierbedding dalen we af tot ver achter de stal. Omdat het al behoorlijk warm is, laten enkele hagedissen zich bewonderen op gesleten rotsblokken. Via een uitgehouwen trap komen wij bij een klein bouwwerk. In eerste instantie denken wij dat het een behuizing van een kluizenaar is. Het blijkt een kapel. Na binnen foto’s geschoten te hebben loop ik om de kapel heen. Ineens klinkt het pruut pruut van de bijeneter. Even laat hij zich op een kei van dichtbij bewonderen, dan vliegt hij verder.