Posts tonen met het label slechtvalk. Alle posts tonen
Posts tonen met het label slechtvalk. Alle posts tonen

dinsdag 8 februari 2022

Eindelijk, daar is hij dan: de zon!

Al dagen achtereen hangt er een deken van mist over het land. Maar dan vandaag. Glorieus stijgt zij van roze, naar rood en van rood naar oranje tot hoog boven de horizon. Bij een hoogspanningsmast probeer ik een artistieke foto te maken; een lijnenspel dat contrasteert tegen een fel gekleurde achtergrond. Surrealistisch ook, alsof de wereld in brand staat.


foto Tino van Kampen


Wales, jaren 90 van de vorige eeuw. Ik loop door een heuvelachtig landschap. De temperatuur is aangenaam en de wind draagt de zware zoete geur van bloeiende brem met zich mee. Rechts van mij klatert in het dal een snel stromende beek.

Gisteren zag ik daar een waterspreeuw op een van de keien zich klaar maken voor een duik in het koude water. Daar onderwater zoekt hij zijn prooi: een waterpissebed bijvoorbeeld, of een haft.

Links van mij is het rotsachtig en vanuit een holte duikt ineens een valkachtige vogel op. Het gaat allemaal razendsnel zodat ik hem niet kan determineren. In mijn vakantiehuisje sla ik mijn Peterson open, de vogelbijbel in die tijd. Ik kom tot de slechtvalk. Voor mij toentertijd een nieuwe soort.

In ons land is de slechtvalk ook actief. Al heeft hij geen rotswanden of kliffen tot zijn beschikking. Hier broedt hij op richels van daken, in nissen van gebouwen, of in een oud kraaiennest in een hoogspanningsmast bijvoorbeeld. Vandaaruit heeft hij een perfect uitzicht over zijn domein, om op jacht te gaan.

Langs het Haringvliet en bij de Ventjagersplaten staan ook dergelijke stalen reuzen. Bent u er in de buurt, speur dan de masten met een verrekijker maar eens af. Hoog bovenin ziet u wellicht het silhouet van de slechtvalk. Zoals ik, bij Het Grote Gat.

De zon schijnt fel op de flanken van tientallen wintertalingen, waardoor het groen van hun koppen als lampjes lijken te schijnen. Langs de oevers laven zich, ze zijn nauwelijks te zien, enkele watersnippen.

En dan plots is er onrust op het water. Vanuit de struiken vliegen merels en houtduiven alarmerend op. In een flits verschijnt hij. Ik denk eerst aan een sperwer, maar dan zie ik aan zijn formaat, vleugelvorm en vliegbeeld dat het een slechtvalk moet zijn.


foto Peter Ganzeboom


Heel even is hij er maar. Hij probeert een taling te slaan. Die is hem te snel af. Als een streep keert hij terug naar zijn uitkijkpost om vandaar later een nieuwe poging te wagen.

De slechtvalk observeren? Prima. De balts begint zo ongeveer begin februari. Maar wees respectvol, voor onze mooie natuur. Verstoor niets.

woensdag 13 november 2019

Suspense


Een deken van mist hangt boven het land en is op sommige plekken een kleine meter dik. Op die plekken zijn alleen de poten van het vee zichtbaar. Als dan ook de opgaande zon het landschap wonderlijk mooi in een oranje gloed legt, is het alsof ik mij in een sprookje bevind. In dat surrealistische landschap rust een knoeperd van een slechtvalk op een paaltje. Gelet op het formaat denk ik dat het een vrouwtje is. 

Diezelfde middag jaagt zij, ik vermoed dat het dezelfde is als die van vanochtend, achter een groep goudplevieren en kieviten aan. De keuze is te groot om er daadwerkelijk een slachtoffer uit te kiezen en berustend met dit gegeven landt zij bovenin een hoogspanningsmast. Vanaf haar troon overziet zij als een vorstin haar domein.





Een zich van geen kwaad bewuste smient vliegt in zondagmiddagstemming argeloos over het veld. Op dat moment duikt de valk naar beneden, draait een rondje en maakt vaart. Haar doel: de smient! Alles gaat razendsnel, want in nog geen halve minuut vliegt zij naast de smient, draait half op haar zij en haalt uit met een dodelijke houw van een van haar klauwen. De smient is de sjaak.



Niet veel later plukt de valk op een rustig plekje de eend en maakt zich klaar om de buit te verorberen, althans dat denkt zij. Zeker zes kraaien maken het haar dermate lastig dat zij haar prooi moet verlaten. De kraaien hebben echter buiten de waard gerekend. Krijsend gaat de valk met stoot- en duikvluchten achter de kraaien aan. Een van hen krijgt zij bijna te pakken, voor de kraaien het teken om het veld te ruimen. De rust keert weer en eindelijk kan zij aan tafel.

Ergo: Ik hoef geen thriller te lezen of te zien in de bioscoop, ik maak het real live mee in mijn ‘achtertuin’, de Polder Simonshaven.




De foto's zijn van Peter Ganzeboom            

maandag 10 september 2018

Als kinderen zo blij


De dag begint somber. Zwaar en drukkend hangt er bewegingloos een bui boven Spijkenisse. Pas nadat het wolkendek zich heeft ontladen en de lucht lijkt te klaren, trekken Peter en ik eropuit met onze fietsen.
Niet veel later zitten wij op onze canvaskrukjes onder het nog nadruppelend bladerdak te speuren naar ‘onze vrienden’: een familie boomvalken. Heel even maar vliegen twee juveniele exemplaren tussen het gebladerte door. Daarna laat geen vogel zich meer zien of horen. Gelaten verlaten wij de locatie voor een tochtje langs de Oude Maas en de Wolvenpolder.

’t Is wel heel stil vanmorgen’, zeg ik. ‘Het komt vanzelf’ zegt hij. En inderdaad, bij de Kraanvogel, een brug over de Oude Haven van Spijkenisse, vliegt flitsend snel een kobaltblauwe ijsvogel aan ons voorbij. Ons geluk is dat hij verderop, contrastrijk afstekend tegen een verroeste damwand, een rustplaats vindt.
Na hem met de telescoop te hebben bekeken, fietsen wij verder en weer lijkt het gedaan met de vogels. Toch sprokkelen wij onderweg, al is het mondjesmaat, enkele soorten bij elkaar.


foto Peter Ganzeboom


‘Waar wil je heen?’, vraagt hij.
‘Laten we maar langs het Spui fietsen. De weidsheid daar en het geluid van kabbelend water tegen de oever vind ik geweldig’. Even verderop stoppen wij en kijken naar een zwerm kieviten die, op de vlucht voor de slechtvalk, hun schuilplaats tussen de basaltblokken hebben verlaten.

‘Die pikken wij dan nog mooi even mee’, zegt hij, terwijl hij de snelle roofvogel door zijn verrekijker volgt. Het is meer de twinkeling in zijn ogen, dan de roofvogel die mijn lippen omhoog doet krullen tot een glimlach.

Dan stappen wij op onze fietsen voor de laatste kilometers richting huis. Het is inmiddels gaan regenen. De nazomerse bui kan mijn vriend niet deren. Vrolijk zingt hij een liedje uit zijn kindertijd. Zacht neurie ik met pretoogjes mee.

    







dinsdag 26 juni 2018

De roofvogel onder druk


Een pleidooi voor de vrije roofvogel



De uitdrukking op zijn gezicht verraadde wanhoop en frustratie en als een verwend kind waarvan zojuist zijn speelgoed was afgepakt, klaagde hij steen en been. Alweer waren er enkele van zijn duifjes niet thuisgekomen na een lange en uitputtende vlucht vanuit het Zuiden van Frankrijk. Niet de erbarmelijke omstandigheden onderweg, maar de roofvogels en de slechtvalk in het bijzonder kregen de schuld. Ook de mens moest eraan geloven. Die laatste immers plaats overal nestkasten, waardoor er naar zijn idee te veel slechtvalken zouden zijn.

Wie verzint er zoiets, om een duif honderden kilometers van huis los te laten en naar zijn til terug te laten vliegen. Alleen voor zijn eigen gerief: Kijk eens ik heb het mooiste en beste speelgoed. Ik wil u graag meer over deze verkeerde voorstelling van zaken vertellen.

Wat het plaatsen van kasten betreft heeft hij wellicht een punt; het is een onnatuurlijk aanbod van nestlocaties. De slechtvalk vindt echter ook zonder valkenkasten een geschikte broedplek. Vandaaruit gaat hij op jacht naar prooi. Een uitgeputte postduif is dan een gewild slachtoffer. Wat het argument betreft: Er zijn te veel slechtvalken, heeft hij ongelijk. De onderzoeken wijzen anders uit. Zijn motief lijkt alleen te dienen in het voordeel van zijn hobby.

Het vervelende is dat voorstanders van roofvogelvervolging opveren vanuit hun stoel bij het verhaal van de duivenmelker. Met als gevolg dat de roofvogel in hun landschap onder druk kan komen te staan. Duivenmelken is soms een uit de hand gelopen hobby waar doormiddel van weddenschappen en handel veel geld mee wordt verdiend.

Ook roofvogel - en uilenshows zijn nadelig. Niet alleen voor de in gevangenschap gehouden vogels zelf, maar ook voor de roofvogelstand. Ontsnapte exemplaren vermengen zich met hun natuurlijke soortgenoten (hybrisatie), waardoor er sprake is van faunavervalsing. Bovendien speelt geldelijk gewin ook hier een rol; handel, stroperij (nestpredatie door de mens).

Een vogel is dwingend gedetermineerd (DNA) om op natuurlijke wijze een nest te bouwen, voor nageslacht te zorgen en zichzelf en zijn jongen van voedsel te voorzien. Voor dat laatste gaat hij op jacht. Hij is hierin niet vrij, hij moet.

De mens staat deels buiten de natuur. Hij is vrij. Normaal gesproken kan hij kiezen waar en hoe hij gaat wonen, of hij wel of geen kinderen wil, of hij veel of weinig eet. Hij is in tegenstelling tot de roofvogel in staat moreel te oordelen. De duivenmelker en de valkenier zouden zich eens af moeten vragen of het juist is wat zij zeggen en doen.


foto: P.D. Ganzeboom; waarvoor dank!