maandag 24 juni 2024

Wat is in een naam

Waar een ander aan voorbijloopt, sta ik zo nu en dan stil. Waar komt de naam Appelscha vandaan? De naam deel ik op. Appel-scha. Appel-schade. Mmm, dat zou meer op van in de Betuwe van toepassing kunnen zijn en daar ben ik niet op vakantie. In het Fries ligt de oorsprong deels vast in sche. Dus Appelsche. Maar die appels dan … Denken, speuren, combineren. En dan ineens, Apollo. De god van orde, regelmaat en verzen. Bovendien van de jacht en waar doe je dat? Juist in en rond het bos. Apollobos, dat moet het zijn. En daar ligt het plaatsje, in het Drents Friese Woud!

José en ik zijn daar op vakantie in een oud schoolgebouw. De entreehal ligt langs de schoollokalen. Die zijn minimaal verbouwd met tussenwanden, zodat er een appartement in een haast oorspronkelijke staat is ontstaan. Schoolattributen uit die tijd zoals het Aap-Noot-Mies en landkaarten sieren de wanden. Achter in de tuin ligt een prieel, een cirkelvormige yogaruimte in het gras en een vijver. Als ik daar lezend doorheen kuier, snuffelt de kat of de hond zo af en toe aan mij nog niet door de zon gebruinde benen.

Rondom ons verblijf liggen de bossen die zelfs Apollo in trance brengt. Ik ben hem in ieder geval niet tegen gekomen. Omdat ik daar eerder ben geweest, herken ik het een en ander. Zoals die dag op de fiets. Wij rijden naar het Fochteloërveen. Wat een naam. Waar komt die vandaan? Nou, laat maar gaan hoor. ’tis goe zo’. In een vogelkijkhut zien wij boerenzwaluwen die tegen de dakspanten hun nest hebben gebouwd en de honger van hun jongen stillen.

Om het verhaal compleet te maken brengen wij een bezoek aan Frank en zijn lief. Zij wonen niet apart-samen, maar samen-apart in een verbouwde boerderij. Net als ik houdt hij van literatuur en kunst. Ooit gaf ik op- en aanmerkingen bij het schrijven van zijn boek In een Dubbele Spiegel. Zo’n kort en intens bezoek is eigenlijk een prima afsluiting van onze vakantie. Nou vooruit nog een lekker hapje in Appelscha.

    

vrijdag 14 juni 2024

Proëzie

Ik dacht, weet niets te schrijven. Punt.
Met mededeling als kopje.

Maar … die wil hè.




 

hij rook koffie
vouwde handen
om haar middel

maakten samen
een dans op de 
dag, het leven

je dans en reuk
werken prima -
niet alleen mijn neus

brood en de krant
liet hij onaangeraakt
is er iets?

ja, jij maakt mij gelukkig

    

donderdag 23 mei 2024

Namen en Gedachten

Langs de overzijde van het Haringvliet liggen de Beninger Slikken. Ook wel de Spuimonding West, of de Beninger Waard genoemd. Wat ligt er verborgen in een naam. Op een bankje tuur ik over het gebied, op zoek naar een leuk vogeltje. Het lijkt hoogwater. Dit komt door de langdurige regenval en het gegeven dat hier het water dat overtollig is opgevangen wordt.

In het riet voor mij zingt een vogel uit volle borst, die trilt en opbolt. Volkomen logisch dat deze vogel een rietzanger is genoemd. Na een tijdje breek ik op. De poten van het statief schuif ik in. De rugzak hangt om de schouders. Eerder kon je het reservaat rondlopen, een defecte pont verhindert dit nu.

Op een smalle dijk, zeer ongelijk door graspollen en het uitgesleten pad, probeer ik op de been te blijven. Voorheen keek ik vooruit, plaatste het parcours op mijn harde schijf en liep vanzelfsprekend mijn weg. Nu is het constant vooruitkijken en opletten. Een laag rrrrr-rrrr, bevrijdt mij uit een benarde situatie.

  


Ooit zag ik in de Amsterdamse Waterleidingduinen een sprinkhaanrietzanger in volle glorie zijn vocale kunsten vertonen. Deze vogel lijkt er op. Ook zijn zang. Toch, de toonaard is lager. Het lijkt meer op een gesnor. Aha dacht men, laten wij dit vogeltje de snor noemen. Namen, waar komen zij vandaan?

Het eentonige gesnor wordt ik langzaam zat. Ook al is het bijzonder om dit vogeltje te zien en horen, kan ook hij mij irriteren. Ik ken iemand die heeft dat met narcissen in het voorjaar. Als die dit leest, zal er vast een glimlach verschijnen.

Op de terugweg, het loopt tegen het middaguur, verstomt het vogelgezang. Pauze. Een blauwe kiekendief vrouw zweeft op de grens van water en land voorbij. Zij is te herkennen aan onder andere de witte stuit, de basis waar de staart ontspringt. 

Misschien hadden zij de vogel ook witstuitkiekendief kunnen noemen..
En waar zou toch de naam slechtvalk vandaan komen, vraag ik mij af. Waarschijnlijk van het slechten, het neerhalen, van de prooi. En zo schieten er allerlei gedachten door mijn hoofd. Bedachtzaam strijk ik met mijn hand over baard- en snorstoppels. Scheren of (deels) laten staan. Misschien wordt ik dan wel een baardmannetje of snorreman genoemd.

Ach ja, wat is in een naam. Zou ik, of mijn verre verre voorouders echt uit Kampen komen? 

vrijdag 3 mei 2024

Betovering

verzadigd door regenwater
grijsgrauw, modderprut
als na een overstroming

zonlicht weerkaatst gedempt
verkoelt koud het innerlijk

ergens schijnt de zon
betovert straks ook hier
het landschap en … meer

  

donderdag 25 april 2024

That's the question

Wat is de vraag? Links- of rechtsom. Met de wijzers van de klok mee, of dwars ertegenin. Mijn besluit is om met de vaart der volken mee te lopen. Kalm aan, als een soort warming-up, gaat het richting bruggetje. Dat  gepasseerd rechtsaf. Direct blaast de wind haast mijn petje van het hoofd. Bij de polder linksaf. Op naar de volgende brug. De wind in de rug. Daar rechtsaf om te worstelen met een fikse zijwind.

Onderweg is de bewoner op het erf van zijn huis aan het werk. Ik maak een praatje met hem. We delen dezelfde hobby. Wielrennen. Straks zal hij op zijn fietsie stappen en zijn rondje rijden. Soms doet hij dat twee keer op een dag. Dat rondje(s) rijden doe ik niet meer. Hem misgun ik het niet.

Verderop passeer ik drie boerderijen. Waarvan één eigenaar een originele boer is, één een hobbyboer en de ander een gemengd bedrijf runt. Weet je wat, … Ik doe als schrijver van dit stukje net of ik van de andere kant kom. Tegendraads dus.

Bijna zwiept een stevige bries de pet van het hoofd. Rechts ligt een verbouwde boerderij waarvan de eigenaar Shetlanders houdt. Ik denk als hobby. Naar mijn idee is het een tandarts met pensioen. Links runnen de boer en boerin naast een veehouderij een verkooppunt van allerhande streekproducten. Het meest groenten en fruit.

Als ik de bebouwing gepasseerd ben, komt een wielrenner mij tegemoet. Wij groeten elkaar. Ik ken hem. Hij woont verderop. Heeft een vrijstaand huis en houdt het erf daarvan tiptop in orde als hij niet op zijn tweewieler bivakkeert. Soms maak ik een praatje met hem. Vandaag dus niet.

En zo maak ik mijn rondjes. De vraag ia alleen: Links- of rechtsom.

  

   


   

woensdag 17 april 2024

A la Epictetus - een stoïcijn


sta eens stil bij wat je lief is
zie de waarde daarvan in

mocht het ooit uiteen waaien
ga dan niet staan jammeren 

het was maar lucht
meer niet

woensdag 3 april 2024

Poëzie

Leuk vind ik het om goede teksten te lezen en daar iets mee te doen. Bijvoorbeeld om te zetten in haikuvorm. Let wel: de vorm, ze zijn het niet. De kunst is dan ook om het min of meer onherkenbaar, met het oog op het origineel, voor de schrijver en lezer te maken. Anders is het plagiaat en wie wil dat.

  

bijna struikelt hij
een houten balk, of zoiets
zo lijkt het immers

als hout voelt het niet
bij wegleggen was ’t nat, glad
te rond voor zo iets

het voelt ook vies aan
bijschijnen lukt niet genoeg
het lampje te zwak

hij en ik benieuwd
willen weten wat het is
de lezer vast ook

          😉

 

achteloos leunen zij
tegen deurposten, alleen
of soms bij elkaar

zeggen amore
en dat ze van mij houden
willen dat ik kom

willen mij strelen
de geur van de namiddag
op hoge benen

witte tanden in
het warme vlees van mannen
wie wil, wie kijkt om

            #

 

traag loop ik naar zee
een vliegtuig schept zout water
bosbranden, waarzo

mensen lezen ’t weer
aan de zwaluw ’s vlucht, bij hoog
zindert de zomer

maakt spontaan warm vuur
‘t vliegtuig is betrouwbaarder
hevige hitte