Twee mannen van middelbare leeftijd worstelen met naald en draad aan
een grote tafel, van een groot huis, aan de rand van gehucht D. Hebben die mannen
niets beters te doen? Buiten nodigt een zonovergoten najaarsmiddag hen immers
uit voor een fikse wandeling. Blijkbaar niet. De oudste van de twee
manoeuvreert met bevende hand een rode katoenen draad door het oog van een
naald. De jongste krijgt dit niet voor elkaar. Uiteindelijk reikt de ander hem
een helpende hand. Naaste liefde bestaat nog. U moet weten dat beide heren,
geïnspireerd na een bezoek aan museum Plantin Moretus, besloten hebben een door
hen en anderen geschreven dichtbundel zelf in te binden. Samen zijn ze aan het
werk gegaan. Het resultaat van die middag: één haikubundel van zes dichters.
Deze week wordt er
verder ingebonden. Elke dichter krijgt een unieke kleur draad. Zo ontstaat een kleurig
werkje, die samen op de ruggen van de ingebonden verzen een regenboog suggereren.
Om u een idee te geven van de kleuren, het bundeltje verwijs ik naar:
http://oogo.cultuurpleingo.nl/inspiratiepagina.htm
Als u wilt kunt u een bundeltje bestellen bij één van de dichters.
Tot slot een haiku van mijzelf:
elke morgen meer
dringt de zoete geur zich op
jonge herfst nevelt
tinovkampen@hetnet.nl
dinsdag 15 november 2011
vrijdag 4 november 2011
De Dichter
Het blijft spannend om en public gedichten voor te dragen. Nerveus maar goed voorbereid stap ik zondagmiddag in mijn auto voor een ritje naar Brielle. Zou de weg langs Vierpolders nog afgesloten zijn? Zo ja, dan wacht mij vertraging van minstens vijftien minuten. Onderweg bedenk ik alternatieve routes. Om mij heen schittert een prachtig herfstlandschap. Vooral het stukje bij Geervliet ligt er fraai bij. Een mozaïek van kleuren waar het herfstlicht fel doorheen schijnt tovert daar het typische warme herfstgevoel. In gedachten zie ik mijzelf zitten onder een kastanjeboom, waaruit een herfstblad nog net niet in mijn pint met bockbier dwarrelt. Verderop blijkt de weg niet afgesloten. Ruim op tijd arriveer ik in Brielle. Als ik mijn auto heb geparkeerd en nog wat heen en weer dwaal, nadert collega-dichter Fred. We schudden elkaar de hand. Zijn houding verraadt dat hij mij niet herkent. Binnen zoeken we een plaatsje langs de wand en babbelen gezellig verder. In een sfeer van een lach en een traan, gedragen op muzikale klanken zoek ik mijn weg naar het podium. Na mijn eerste gedicht klinkt er een flauw applaus. En daar kom ik nu juist voor. Onverstoord breng ik mijn verhaal. Bij mijn laatste gedicht, een sonnet opgedragen aan de blauwe reiger, klinkt dan toch een ovationeel applaus. Trots stap ik van het podium af. Dan is Fred aan de beurt. Ook hij krijgt de handen van het publiek op elkaar. De terugreis naar huis verloopt in goede stemming. Naast mij ligt een fles wijn. Als dank gekregen voor mijn bijdrage aan een mooie middag.
donderdag 27 oktober 2011
De Dichter
De dichter krijgt het druk.
Zondag wacht een optreden in Brielle. Verleden jaar mocht hij daar ook zijn
kunsten vertonen. Een organisatorische fout strooide destijds roet in het eten.
Nu krijgt hij een herkansing, of eigenlijk de organisatie. Vijf minuten spreektijd
moeten hem op de kaart zetten. In december leest hij met anderen in diverse
huiskamers van Ooltgensplaat. Hij kijkt er naar uit hoewel het razend spannend
is als er zoveel ogen op hem gericht zijn.
Ook de biograaf heeft het
druk. Deze week werden de reeds geschreven verhalen telefonisch besproken. Het
valt niet mee. Telkens worden nieuwe foutjes gevonden. Toch vordert het
bouwwerk gestaag. Een document is al zover dat er een proefdruk van gemaakt is,
compleet met plaatjes. Er wachten nog interviews en nieuwe verhalen kortom
klaar is het nog lang niet.
De Mensch had wederom pech
vandaag. Nu was het de voorband van zijn racefiets die langzaam afliep. Wat is
dat toch. Wordt hij door hogere machten getest of geplaagd. De bandenfabrikant
en de plaatselijke fietsenboer varen in ieder geval wel bij zijn ongeluk.
maandag 17 oktober 2011
De Mensch
Al vanaf de ochtend hangt er
een sluier van motregen boven de stad. Dit gevoegd bij de belabberde mentale
gesteldheid van De Mensch maakt de dag wat minder aangenaam. Als een zombie
hobbelt hij dan ook achter het winkelwagentje aan, dat driftig door zijn vrouw
wordt voortgeduwd. De Mensch, gepokt en gemazzeld als hij is, weet inmiddels
met zo’n mindere dag om te gaan. Hij komt op het lumineuze idee om gezellig
samen met vrouwlief een middagje naar Schiedam te gaan. Kuieren door de stad en
een bezoek aan het museum dat zal de dag vast uit zijn grauwheid tillen. Als ze
samen langs de winkels slenteren knapt hij langzaam op. Bij een tweedehands
boekwinkel gaan ze naar binnen. Hier zijn vast dichtbundels te koop, denkt hij.
Twee dames helpen hem bij toerbuurt. Geaffecteerd verlaten woorden en zinnen
hun lippen als ze hem te woord staan. De Mensch die gek is op typetjes kruipt
in de huid van één van de dames. Voorzichtig wordt een dame nagebootst. Echter
hij vergeet zichzelf en al gauw stijgt het volume van zijn stem naar gespreksniveau. Zachtjes
maar gedecideerd fluistert zijn vrouw hem toe dat hij zich moet gedragen. De
dames hebben hem vast gehoord. Om het goed te maken gaat hij
bij het afrekenen in gesprek met één van hen. Het winkeltje, zo blijkt, wordt
elk weekeinde gerund door vrijwilligers
van de soroptimisten. Een soroptimist is een vrouw die o.a.staat. voor: verbetering van de rechten van de vrouw, hoge ethische
normen, gelijkwaardigheid, ontwikkeling en vrede door het bevorderen van goede
internationale verstandhoudingen.
In het bezit
van nieuwe kennis, drie dichtbundels en vers gemalen Colombiaanse koffie, die
elders was gekocht, verlaat De Mensch later tevreden Schiedam. Het museum is
inmiddels gesloten.
Abonneren op:
Posts (Atom)